maandag 9 juli 2012

De dame van de voedselbank...

Soms zorgt iets wat zich afspeelt in mijn directe omgeving ervoor dat ik met een harde klap weer terugkeer naar de werkelijke wereld. Voor de ingang van de supermarkt sprak een dame mij aan. Ze vroeg of ik enkele producten wilde kopen t.b.v. de Voedselbank in mijn regio. In mijn regio? Maar we hebben hier toch geen steden met achterstandswijken? Ze vertelde me dat op dit moment zo'n 1000 voedselpakketten per maand door vrijwilligers worden samengesteld én uitgedeeld. Dat getal raakte me. Je hebt heel wat boodschappen nodig om al die pakketten te vullen.

In gedachten liep ik de supermarkt binnen. Ik vroeg mezelf af welk product ik graag in mijn pakket zou vinden mocht ik ooit afhankelijk worden van deze voedselbank. Een reep chocolade met hazelnoten! Paprika chips! Een moment later schaamde ik me diep. Ik, als product van deze welvaartsmaatschappij, dacht meteen aan luxe artikelen i.p.v. producten die in mijn dagelijkse behoeften kunnen voorzien. Het toont aan dat ik duidelijk niet gewend ben aan het begrip "armoede". Heb ik dan niet goed geluisterd naar mijn opa, mijn ouders, op de momenten dat zij vertelden over hun honger tijdens de Tweede Wereldoorlog? Ja, ik heb geluisterd. Heel goed zelfs. Het blijft echter iets onwerkelijks. Iets dat tot op heden geen deel heeft uitgemaakt van mijn leven en daarom onvoorstelbaar. Zo onvoorstelbaar dat ik het bestaan ervan verdring naar een donker hoekje in mijn bewustzijn. Mensen zijn er erg goed in, het verdringen van datgene waar je niet mee geconfronteerd wilt worden. De dame voor de ingang van de supermarkt heeft het in ieder geval niet verdrongen. Ze staat daar op een zaterdagmorgen met een stapeltje flyers om mensen zoals ik weer eens even flink wakker te schudden.

Voedselbank
Wanneer ik de supermarkt weer uit loop geef ik een man die bij haar hoort een tasje met wat boodschappen. Hij kijkt me in de ogen en geeft me een hand, een ferme hand. "Dank u wel meneer", zegt hij met een doordringende stem. Hij meent het. Op dat moment was ik het liefst de supermarkt weer ingelopen om een boodschappenwagen vol te stouwen met alles wat ik er maar in had kunnen proppen. Wat had ik die man nu eenmaal gegeven? Veel te weinig toch? Wanneer is het genoeg? Ik weet het niet. Misschien is het een gevoelskwestie. Op dag A geef je zoveel, op dag B geef je net iets meer, op dag C geef je niets want dan moet je even de klap van de jaarlijkse energie afrekening verwerken. Zo gaat dat.



Toch is er iets in mij veranderd sinds deze dame mij aansprak. Het besef dat ook in mijn directe omgeving mensen afhankelijk zijn van deze vorm van hulp doet me inzien dat armoede zijn permanente intrek in Nederland heeft genomen. Natuurlijk is armoede in Nederland van een andere orde als armoede in de Derde Wereld. Maar toch. In deze tijd waarin de afbraak van de verzorgingsstaat een "hobby" lijkt te zijn van de huidige regering vraag je je af wat de toekomst je zal brengen. Het dringt langzaam tot je door dat er niet zo heel erg veel fout hoeft te gaan in je leven waardoor ook jij eens afhankelijk zou kunnen worden van deze vorm van voedselhulp. Een realiteit die we zelden onder ogen zien want zeg nu zelf, op het moment dat u deze woorden leest denkt u toch ook: "Dat zal mij niet overkomen!". Ik hoop het met u. Toch lees je dagelijks dat het aantal gezinnen met schulden stijgt, evenals de hoogte van het bedrag waarmee ze in het rood staan. We leven boven onze stand en lenen erop los. Een ontwikkeling die niet oneindig kan voortduren. Iedereen die zijn schulden niet meer te boven komt kan zich troosten met de gedachte dat de bewuste dame voor de ingang van de supermarkt daar ook voor hen boodschappen aan het inzamelen was. De vrijwilligers van de voedselbank vragen namelijk niet waarom u hun hulp nodig heeft. Wanneer is de volgende lintjesregen?

Anton